Op naar The Next Web

Een week geleden vond de conferentie ‘The Next Web‘ plaats in Amsterdam. Twee dagen lang sprekers en veel startups die hun nieuwe initiatieven presenteerden. De sfeer op de conferentie was erg goed. Geïnspireerd en vol ideeën. Nog nooit heb ik een conferentie in Nederland meegemaakt waar zoveel over geblogd, getwitterd, geqikt, geinterviewd is. Maar gaf de conferentie ook het antwoord op de vraag wat The Next Web is? Continue reading Op naar The Next Web

Wordt Twitter de nieuwe Jaiku?

Dat klinkt wellicht als een vraag van een jaar geleden. Want toen Jaiku en Twitter nog min of meer even populair waren, was vergelijken zinvol. Sinds Jaiku na de overname door Google in ontwikkeling is stilgestaan heeft Twitter een grote vlucht genomen. Waarbij de laatste maand er een echt tipping point lijkt te worden bereikt.

Maar waarom dan toch de vraag? Waar Jaiku zich in onderscheid zijn twee dingen. Als eerste is Jaiku is meer een lifestream waar alle feeds en andere persoonlijk dynamische sites in worden samengebracht. Flickr, Last.fm, Upcoming, etc. Jaiku is veel meer een profilering van je online identiteit. Twitter is een communicatietool, een virtuele kroeg en een voortdurende brainstorm. Waar het contact tussen de twitteraars het meeste meerwaarde oplevert.

Een ander verschil is te vinden in de oorsprong van Jaiku: een client voor de mobiele telefoon. Jaiku was eerst een uitbreiding van je contactlijst in de mobiele telefoon waar locatieinformatie aan werd toegevoegd. Jaiku gebruikt daarvoor de celinformatie van het mobiele netwerk: je vult zelf als gebruiker een id toe aan een cel en als je terugkomt op die plek wordt dat direct herkend en toegevoegd aan je Jaiku bericht. Plazes werkt ook zo.

Nu is er sinds deze week een (erg mooie) twitterapplicatie voor de iPhone uit – Twinkle – die de locatieinformatie die uit de cellen en wifi-hotspots wordt gehaald, koppelt aan de tweets. Elke tweet die via Twinkle wordt ingevoerd bevat ook de informatie waar je de tweet maakt.
Daarnaast kun je ook op locatie de tweets bekijken; de ‘Near Me’-functie.
Het is een logische mashup. Het geeft een extra dimensie, maar je kunt bovendien ontdekken of er een twittervriend in de buurt is.

Het is nog niet helemaal perfect. De locatieinformatie is nog wel erg grof. Nog niet op celniveau maar op stadniveau. En de ‘Near Me’ functie is niet te beperken tot de eigen friends. Maar het is zeker een interessante stap richting een trend waar locatiecontext belangrijk gaat worden in gebruik van online diensten. En ik wacht nog op de eerste Google Map integratie waarmee mijn Tweetpad te volgen is…

De opkomst van de remote client

Gisteren zag ik een nieuwe applicatie waarmee je via je iPhone de hele muziekcollectie van iTunes op je eigen computer kunt bereiken. Zie video hieronder.
Ik vind dit een mooi voorbeeld van een remote client. Een ontwikkeling waar we steeds meer heen zullen gaan. Google Docs past natuurlijk in die trend, en de ontwikkeling van een MacBook Air met een keuze voor wireless koppeling aan de dataopslag.

De iPhone heeft daarin een duidelijke hefboomwerking. Door het gemak van het online zijn wordt het mobiel-internet-taboe doorbroken. En veel belangrijker, het gebruiksgemak bij applicaties.
Maar ook een toepassing als Qik past daarbij; geen grote opslag meer nodig voor je videos die je met je mobiel maakt.

De clients zullen in de toekomst alleen nog maar kleiner worden. Mensen raken steeds meer gewend om te werken via een virtuele verbinding met de eigen basis.

Zorgt Apple voor de social tv revolutie?

Vandaag las ik dat Apple een groot aantal nieuwe patenten heeft aangevraagd voor Apple TV. Een daarvan is een patent voor het toepassen van widgets binnen de tv omgeving.

Dat is geen nieuw idee. Diensten als Ustream en Operator11 bieden de mogelijkheid video en chat te combineren. Net als het nieuwe Yahoo!Live zijn dat echter webcam gebaseerde oplossingen. Joost heeft al sinds het begin de mogelijkheid om binnen hun online tv kanaal tegelijker widgets op te roepen en te chatten en biedt dus eigenlijk hetzelfde.

Maar Apple zou best wel eens het verschil kunnen maken. Omdat het te verwachten is dat een oplossing die ze maken het gebruik wel goed doordacht is. Bij Joost houdt een barriere door in de computer omgeving te werken, maar wel een tv-ervaring te willen simuleren.

Je ziet nu al voorbeelden ontstaan van sociale TV ervaringen in Twitter. Buiten je eigen huiskamer wordt samen met je eigen sociale peergroep over een uitzending gesproken. Dat doortrekken in de live omgeving van de tv uitzending op het toestel kan een interessante toepassing zijn.

Belangrijk is natuurlijk dat Apple geen eigen systeem voor chatten of tweeten gaat opzetten zoals Joost dat wel doet. Als je vanuit je bestaande groep mensen kunt werken zou dat veel krachtiger zijn. Apple laat zien met de eigen widgets dat ze dit op deze manier behandelen.

Bij de laatste keynote van Steve Jobs bleek al dat Apple met de nieuwe versie van Apple TV sociale aspecten wil gaan uitbreiden, en heel belangrijk, de computerkoppeling loslaat. Als ze het mogelijk maken om het ‘gewone internet’ te mixen met live-tv dan zou er best eens een interessante vorm van social TV kunnen ontstaan.

Powered by ScribeFire.

Twitterles voor adverteerders

Afgelopen donderdag werd op een VEA bijeenkomst gediscussieerd over de waarde van Twitter. Samengevat: de aanwezigen beoordelen Twitter als een potentiële flop.

Los van de vraag of Twitter een blijvend succes zal zijn, vind ik dit en vooral de argumentatie, een bewijs van het beperkte referentiekader van de gemiddelde reclamemaker en adverteerder. Niemand zal beweren dat Twitter een massamedium is. Het aantal gebruikers is relatief nog zeer beperkt. Maar dat betekent nog niet dat het geen waarde heeft voor commerciële communicatie.

Het is belangrijk te kijken wie Twitter gebruiken en wat de invloed is van deze gebruikers. Iedereen die het boek ‘The Tipping Point’ van Malcolm Gladwell heeft gelezen weet dat bij het bereiken van een succesvol product het belangrijk is mensen te hebben die het vuurtje opstoken. Ik geloof dat die mensen bij Twitter zitten. Als je twittert gebeurt het regelmatig dat je dingen in de krant leest of op tv ziet die eerder in je twitterstream voorbij zijn gekomen. De spontane productpromoties zijn ook talrijk. De Jawbone, Alice en natuurlijk de iPhone.

Als mediaplanner zou het verstandig zijn om bij de introductie van een nieuw product Twitter mee te nemen in het mediaplan. Ik weet zeker dat dit zal leiden tot betere verspreiding. Overigens zit daar wel een randvoorwaarde aan; het product moet goed zijn en iets nieuws toevoegen, een echt verschil maken. Twitter is bij uitstek onderdeel van de belevingsmaatschappij waarbij authenticiteit essentieel zijn voor succes.

Ik ken geen concrete voorbeelden waarbij Twitter bewust is ingezet om een product te promoten. Het zou een interessante case om te bekijken of een nieuw product ook bewust groot gemaakt kan worden via een twittercampagne.

Powered by ScribeFire.

2008 het jaar dat Google semantisch en mobiel wordt

Was 2007 het jaar van social media met Twitter en Facebook, en van Apple met de iPhone, 2008 zou wel eens in het teken kunnen staan van het semantische web. Met Google als belangrijkste drijvende kracht. Maar ook Apple en Microsoft laten zich niet onbetuigd. Met mobile en multitouch als de buzz woorden, als onmisbaar onderdeel van het semantisch web.Over het semantische web wordt al een tijd gesproken, en in 2007 werd er vaak het label web 3.0 op geplakt. Maar praktische invulling is tot nu toe niet echt gegeven. In het komend jaar kan dan veranderen als de voortekenen ons niet bedriegen. En mobiel internet zou daar een drijvende kracht zijn.

In de eerste helft van 2008 komt Apple naar verwachting met twee belangrijke nieuwe devices. De eerste een opgeblazen iP Touch, een subnotebook met multitouch en flashgeheugen. En als tweede de 3G iPhone. Hoewel op zichzelf interessante producten verwacht ik dat alleen maar een nieuwe device komt. Een nieuwe visie op het gebruik van mobiel internet zal eronder liggen. Twee peilers zijn belangrijk:

  • Apple laat als eerste location based services werken. De nieuwe iPhone blijkt wordt meer en meer een mobiel afstandsbediening van je persoonlijk profiel. De samenwerking met Starbucks was nog maar een vingeroefening, de iPhone kan in een partnership met een grote Amerikaanse bank een betaalmiddel worden. Een patent dat in december is aangevraagd is daarvan een voorbode. Overigens zullen deze diensten vast pas in 2009 Europa bereiken.
  • Als tweede zal de innige samenwerking met Google meer vorm krijgen in webbased office. Een subnotebook met flashgeheugen vraagt om webbased werken. Zou Google Docs geïntegreerd worden in iWork? Google zal in ieder geval snel met een editable versie van Docs komen.

Het is de vraag of Google’s Android zich gaat verhouden tot de iPhone. Google wordt met de uitrol van Android immers een centrale speler in het mobiel internet. Met de mobiele versie van Docs wordt het een zakelijke speler van formaat.

Google zal ook best eens de eerste serieuze stappen richting het semantisch web gaan zetten. De experimenten met recommendation in de Reader en en Knol laten zien dat ze meer richting geprofileerd zoeken willen gaan. Samen met de locatie-informatie die uit Android wordt verkregen ontstaat een rijk profiel.

Een nieuwe versie van Google omgeving maakt op basis van de profielen steeds slimmere suggesties, en wellicht gaat Google de anonimiseerde profielen in een nieuw commercieel pakket gieten waarmee sites op maat kunnen worden gemaakt van de bezoekers, inclusief de locatie. Dat is de andere kant van OpenSocial. In navolging van Weave zou daarbij de Googlebar in de browser opgerekt kunnen worden tot de centrale plek voor de community en het eigen profiel.

Ondertussen moet Microsoft dit komend jaar ook wel een serieuze poging gaan doen om stappen te maken. Wellicht met een upgrade van Windows Mobile met de kennis die is opgedaan met multitouch. En een open variant van de Office suite.
Ze zullen de Vista-gadgets portable kunnen maken over de verschillende devices en het gebruik van Facebook als profielverschaffer.

Ook op ander gebied gaat zeker nog veel gebeuren in 2008. De verschuiving van couch tv naar personal tv lijkt bijvoorbeeld voor het eerst serieus gaande. Apple zet daar op in met de verhuur van video voor gebruik op de iPod (en om Apple TV nog een kans te geven). En de vraag is door wie Joost zal worden overgenomen, en of het nog serieus gebruikt gaat worden?
En gaming wordt nog groter als medium. Zal Microsoft ook een portable variant krijgen? Wordt de aanschaf van spellen online mogelijk? Komen er cross-device spellen? Breekt het medium door als non-spot medium?

Powered by ScribeFire.

Leven en beleven in peer circles

Nokia heeft de resultaten van trendstudie gepubliceerd. Ze constateren een aantal driving trends met aansprekende namen zoals dat hoort bij trends: Immersive Living, Geek Culture, G Tech, Localism.

Wat vooral een interessante bevinding is – en een bevestiging van een trend die wij ook verkondigen – is ‘Circular Entertainment’. We gaan steeds meer leven in onze ‘peer circle’, we verzamelen een groep mensen om ons heen waarmee we onze interesses delen en continu communiceren. Niet alleen onze kring van directe relaties in prive en werk omgeving, maar een bredere omgeving via de verschillende sociale netwerken waar we ons in begeven. De netwerken van onze peers zorgen vervolgens weer voor een grotere groep.

Tot nu toe is altijd een regel dat een mens met maximaal 150 mensen serieus sociale contacten een relatie kan onderhouden, maar het zou mij niets verbazen dat dat gaat schuiven. Deze peer circles vervangen de traditionele media. We zullen steeds meer media consumeren via deze circles. In plaats van de traditionele broadcasters wordt mijn eigen peer circle het kanaal dat mijn selecties maakt.

Nokia voegt daar aan toe dat de content die we delen niet alleen wordt gedeeld, maar ook wordt geremixt, gemasht, oftewijl collaborative social media. Uiteraard is dat ook interessant voor Nokia, zij hebben de tools in handen om dat te doen. Maar ik geloof zeker dat we een andere beleving van media gaan ervaren. In eerste instantie met nieuwe startpunten en uiteindelijk inderdaad als een flow van circulerende mediabits.

Powered by ScribeFire.

Game beats new music media

Twee belangrijke ontwikkelingen die de muziekindustrie en nieuw gezicht geven. Bij het presenteren van de iPod Touch is de online iTunes Musicstore geïntroduceerd. En interessant daarbij was vooral de deal die met Starbucks is aangegaan. Muziek die je in een vestiging hoort wordt direct gekoppeld aan je eigen iPod en kan je direct kopen. Daarmee wordt de publieke ruimte dus een serieus medium om muziek onder de aandacht te brengen.

Een andere interessante ontwikkeling was te horen op het Amsterdam Dance Event afgelopen week. Daar hield Steve Schnur een pleidooi voor een nieuw medium voor muziekdistributie; de games. Een paar voorbeelden bewijzen de kracht van games als muziekmedium. Zo scoorden de Engelse DJ’s The Young Punx een hit dankzij het spel Fifa 2007.

Er ontstaan hele sound tracks met muziek in games. Het wordt voor de muziekindustrie steeds interessanter een plekje in deze scores te bemachtigen. Het bereik is gigantisch, en het luisteren ook nog eens zeer intensief.

Een stapje verder gaat Junkie XL. Hij maakte al eerder specifieke muziek voor games, maar nu heeft hij de muziek daadwerkelijk geïntegreerd bij de nieuwe titel Need for Speed ProStreet. ‘In game music’ die zich aanpast aan het gedrag van de speler in de game. Hij vertelt er meer over op 3voor12.

De vraag is hoe de muziekindustrie zal gaan inspelen op dit nieuwe medium. De mediaruimte is natuurlijk totaal anders dan de radio of muziekkanalen, en de ruimte is beperkter. Maar sinds steeds meer consoles online zijn is het natuurlijk theoretisch ook mogelijk om de muziek dynamisch aan te bieden. On demand radio krijgt daarbij een nieuwe vorm. Elke keer als een game wordt gespeeld wordt een andere music score erbij geladen. Uiteraard wel aangepast op de game.

De muziekindustrie kan zo het medium dynamisch inspelen op het promoten van nieuwe muziek. En de speler krijgt steeds nieuwe spelervaringen. Uiteraard zal in deze tijd de keuze van de speler de bepalende factor zijn. Een koppeling met het last.fm-profiel kan de music score extra persoonlijk maken.

Google goes mobile

Interessante ontwikkeling. Google koopt Jaiku. Veel discussies alom. Waarom niet Twitter kopen met een veel bredere user base in de US. Ik ben het wel met Tim O’Reilly eens. Het gaat ze om de mobiele focus van Jaiku. Google is immers volgens de geruchten al enige tijd bezig met de Gphone. En die lijkt steeds meer niet een device te worden, maar een Operating System. En daar wordt Jaiku mooi in geïntegreerd…

We staan dan toch echt misschien aan de doorbraak van het mobiele web. In vele vormen. De IPhone laat zien dat mobiel browsen prima kan op een klein scherm. De applicaties die het internet integreren worden steeds beter. En Google zal bewijzen nu dat mobiel adverteren op basis van locatie een volgende killer app wordt. De rijke profielen die ze hebben via search en gmail worden uitgebreid met de locatie via de presence van Jaiku.

Sommigen claimen de web 3.0 term al voor deze doorbraak. Hoe dan ook, het zal zeker interessant zijn of de mobiel internet versnelling nu echt gaat doorzetten. En ik ben benieuwd wat de volgende stap is in de samenwerking tussen Apple en Google.

Leven in een exploding world

Op woensdag was de creme de la creme van de sociale netwerk sites in discussie op Picnic. Helaas heb ik het niet live gezien, maar een videoregistratie voldoet ook. Jyri Engestrom van Jaiku hield een korte intro waarin zijn belangrijkste observatie was dat in het tijdperk van sociale netwerk een nieuw algoritme van relevantie zou moeten worden gevonden. Waar in het search tijdperk pagerank de kern is, is in het nieuwe tijdperk iets nodig als facerank. Althans dat is zijn werktitel. Het deed mij denken aan een eerdere post over sociale identiteit in relatie tot de nieuwe microcommunities die we vormen om de wereld om ons heen te filteren en te verrijken.

Belangrijke volgende stap die Jyri ziet is het werkelijk laten samenkomen van de verschillende netwerken doordat je bijvoorbeeld je vriendenlijsten kunt delen. Een trend die ik zou willen koppelen aan ‘de exploding website’. Het internet en de websites exploderen in vele kleine brokjes functionaliteit die je overal kunt inzetten. Nu kun je natuurlijk al je Facebook vullen met je Flickr-fotos of Dopplr-trips, maar wat je natuurlijk nog mist is het gebruik van je friends over verschillende netwerken.

Dat is natuurlijk ook iets wat aansluit bij waar Dick Hardt al een tijdje over praat. Je wil je eigen identiteit kunnen behouden en meenemen op het internet. Interportabiliteit van je vrienden is daar een logisch variant van. Daarbij zal het niet zo zijn dat je netwerk van vrienden altijd overal gedeeld wordt. Je zult best verschillende sociale netwerken houden. Ik zie bij mezelf dat het werk netwerk en prive nog behoorlijk gescheiden zijn.

Je ziet duidelijk dat de verschillende sociale netwerken die in de discussie aanwezig waren een exploding strategie nastreven. Matt Biddulph van Doppler geeft aan dat de varianten van de site in andere netwerken als Facebook een essentiële rol zullen spelen. Felix Petersen van Plazes geeft aan dat je straks je plaatsbepaling als data in andere applicaties kunt gebruiken. En naast Jyri Engestrom van Jaiku geeft ook Raymond Spanjar van Hyves aan dat het interportabiliteit van contacten het streven is.

Een andere presentatie op Picnic biedt echter nog andere interessante gedachten voor het leven in een exploding wereld. Stefana Broadbent van Swisscom liet zien dat de multitaskende mens een mechanisme heeft ontwikkeld om alle mediaprikkels te kunnen volgen. Alle nieuwe media worden toegevoegd aan de bestaande door alle media op de achtergrond te plaatsen. We besteden minder aandacht en gaan er minder bewust mee om. We creëren daarbij ‘media routines’, vaste patronen in vaste combinaties van het gebruik van media.

Stefana stelt dat dit in tegenstelling is tot de weg waarin de mediaanbieders slaan door de gebruiker steeds meer regisseur te maken, steeds meer te vragen zelf actief met de media om te gaan. De vraag is dus hoe actief wij zullen omgaan met de exploding media. Zullen we zelf onze netvibe-portal gaan samenstellen, of vinden we het juist fijn dat de selecties voor ons worden gemaakt?